Met vallen en opstaan

Een ongeluk is soms zo gebeurd. Zeker als je niet meer helemaal stevig ter been bent. Zo gebeurt het ook op de eerste etage wel eens dat er iemand valt. Dat is erg en dat wil je niet. Maar helemaal zonder risico’s kun je het niet inrichten. Of althans, als je de bewoners ook nog een beetje bewegingsvrijheid wil gunnen.

Nog niet ze heel lang geleden werden ‘lastige’, valgevaarlijke bewoners nog wel eens rustig gemaakt met een paar pilletjes extra. Gewoon op doktersadvies, overigens. Of als het ‘echt niet meer ging’, werden mensen uiteindelijk vastgebonden op bed – ook op doktersadvies.

Toen ik zeven jaar geleden begon bij mijn andere werkgever in Amsterdam-Noord, weet ik dat er nog een isolatiekamer was. Een kale, prikkelarme ruimte, met daarin een stoel. Deze werd toen al bijna niet meer gebruikt.

Inmiddels is er veel veranderd. Want wat bleek: hoe meer pilletjes je mensen geeft, hoe valgevaarlijker ze worden. Als je suf bent van de medicijnen, dan loop je wellicht rustiger (en minder). Maar doordat je geest ook minder goed werkt, en je spieren slapper zijn, val je juist eerder. En hoe strakker je iemand vastbindt in bed plus hoe hoger je de bed-rekken maakt, hoe meer moeite iemand moet doen om uit bed te komen, hoe harder ze uiteindelijk vallen als het ze uiteindelijk toch lukt. Dat hebben ‘we’ in de zorg inmiddels geleerd. Letterlijk en figuurlijk met vallen-en-opstaan.
Foto_Bart Niek van de Zedde
De aanblik in de ouderenzorg is daarmee veranderd. Je ziet veel minder mensen gefixeerd in een rolstoel, met een plastic blad voor zich zodat ze er niet uit kunnen. Ook de slaapkamers zijn veranderd. De bed-rekken zijn veelal weg. Deze ommekeer voorkomt echter niet dat er nooit meer iemand valt. Het gaat mij keer op keer door merg en been als er iemand is gevallen. Zeker als je de blauwe plekken en veelkleurige vlekken ziet.

 

In veel opzichten is het leven een cirkel – het lijkt het erop dat je op je oude dag terug gaat in de tijd naar je kinderjaren. En zoals mensen toen ook in hun jonge jaren het leven leefden met vallen en opstaan, zo gebeurt dat ook op de oude dag. Alleen zijn de botten nu wat breekbaarder en brozer. Daarnaast kost het ook meer tijd om weer op de been te komen. Vroeger ging je dan naar vader of moeder. Die plakte dan een pleister, of nog beter: gaf een kusje op de pijnlijke plek. Die vaders en moeders worden nu node gemist, denk ik wel eens. Want we kunnen wel troosten en pleisters plakken, maar niet zoals vaders en moeders dat kunnen doen.

Bart Niek van de Zedde is geestelijk verzorger bij PuurZuid.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>